Passie Projecten - Zin in Zingen
linkedin facebook twitter divider nieuwsbrief divider zoeken agenda winkelmandje

Achtergrondinformatie bij Weihnachts Oratorium 2016

Dit jaar zingen we de cantates 1, 2, 4 en 6.

Cantate 1: Eerste Kerstdag
Cantate 2: Tweede Kerstdag
Cantate 4: Nieuwjaar, Naamgeving
Cantate 6: Driekoningen

Cantate 1
Deze eerste cantate Jauchzet, frohlocket, auf, preiset die Tage is geschreven voor Eerste Kerstdag. Met een ferme inleiding door de pauken is de toon gezet: dit wordt een feestdag van Godswege. Alles staat klaar voor een jubelend begin: de komst van het kind dat heil zal brengen. Dit eerste deel van het oratorium beschrijft de tocht die Jozef en Maria naar Bethlehem maakten om te voldoen aan het gebod van Keizer Augustus dat een ieder naar zijn eigen stad moest gaan voor inschrijving in de burgerlijke stand.

Cantate 2
Cantate 2 is geschreven voor Tweede Kerstdag.
Door velen wordt deze cantate als de mooiste en belangrijkste van de zes beschouwd. Het is de cantate van de herders. Het begint met de instrumentale pastorale (= herdersspel) en daarna zitten we ineens midden in het kerstverhaal: vrolijke herders op weg naar het kind en daarna komt het `Kindelwiegen` in de stal. Het koraal `Schaut hin, dort liegt in finstern Stall` is in een lage ligging geschreven om de nederigheid uit te drukken.
In het slotkoraal `Wir singen dir in deinem Heer` gebruikt Bach dezelfde melodie, alleen vijf tonen hoger om uiting te geven aan de stralende verheerlijking.

Cantate 4
Nieuwjaar Naamgeving.
'Fallt mit Danken, fallt mit loben' gaat over de besnijdenis van het kind, en daarmee samenhangend over de naamgeving van het kind. Die naam is dan ook overvloedig aanwezig: Immanuel, Jesus, jesus. Boezemt die naam ook maar in het kleinste hoekje schrik in? 'Ja' zingt de Echo-aria. Sopraan en Bas zingen: Hoe kan ik U lofzingen en danken (39)? Bach geeft meteen het antwoord in 40: met een aria in de vorm van een Fuga, de oude grootse muziekvorm hier voor 3 strijkers en zangstem. Een zeer ongewone vorm voor een aria maar zeer feestelijk.

Cantate 6
Cantate 6 (voor Driekoningen) begint, als de koningen zonder argwaan bij Herodes op bezoek zijn. Maar Herodes speelt meteen zijn achterbakse rol als wolf in schaapskleren. De koningen volgen de ster en eren het kind en keren niet terug naar Herodes. Zij herkennen het kwaad in Herodes. En wij zangers, kerkgangers maken deze reis van de koningen innerlijk mee: we zien het thema dat door alle passies en cantates een rol speelt: de ziel die zich verenigt met Jezus, (of de geest of wat je daar wilt invullen). Geen vijand kan mij meer deren. De angst is overwonnen, het kwaad is overwonnen. Bij die triomf past trompetgeschal.